Archive for mei 2009
It feels good!
Zondag samen met Eric, Danny en Rogier de Utrechtse heuvelrug weer eens verkend. Zoals in een eerder blog vermeld is dat de enige manier om nog een beetje te kunnen klimmen in de buurt over wat verschillende heuveltjes. En dat vind ik leuk, want ik heb nou eenmaal de bouw van een klimmer en daar moet je dan gebruik van maken ook. Dus een leuke route van internet gehaald en in de Garmin gezet en rijden maar. Hieronder staat een grafiek van de rit, met onderop het hoogteprofiel en bovenaan de stijgings percentages. De twee hoogste punten zijn van de amerongse berg, van de moeilijke en van de makkelijke kant.

Het ging fantastisch! Zo goed heb ik nog niet eerder gereden! Tuurlijk heb ik ook mijn grenzen, maar deze keer lagen ze verder dan ooit hiervoor. En een analyse van de gegevens toont dat, wat mij betreft, helemaal aan. De bovenstaande heuvels heb ik hieronder nogmaals weergegeven.
Deze grafiek toont een staafdiagram van de gemiddelde kracht op de heuvels en de gemiddelde hartslag als een lijn. Het laat zien dat op twee na alle heuvels met een vermogen hoger dan 200 watt zijn beklommen met zelfs een top van 270 watt. Voor mij is dat erg goed!

gemiddelde kracht en hartslag
De onderstaande grafiek toont de hoogtemeters van de afzonderlijke heuvels en de gemiddelde snelheid op de beklimming van elke heuvel. De geselecteerde heuvel is de Amerongse berg vanaf de zwaarste kant die toch nog met een gemiddelde van 23 kilometer per uur beklommen is. De andere piek is de amerongse berg van de makkelijke kant, waar zelfs een gemiddelde van 25 km/u behaald is.

Hoogtemeters en snelheid
De kilometers die ik dit jaar gereden heb lijken zich eindelijk om te zetten in betere prestaties! And it feels good!
De oorlog begint
Het was een warme en winderige dag. Rogier en ik hebben een rondje om Leiden heen gereden. Na eerst vol wind mee over de ringvaart gereden te hebben werden we richting Alphen aan den Rijn geconfronteerd met een stevige wind ‘op den kop’. Na zo’n anderhalf uur met afwisselend de wind vol tegen en enigszins schuin van voren kwamen we weer op de terugweg terecht, met wind mee. Rogier gaf aan aardig stuk te zitten, ik voelde me nog wel goed. Maar na een paar beklimmingen in de duinen richting Katwijk merkte ik dat het beste er bij mij ook vanaf was. Na dit uitgesproken te hebben sprak Rogier de legendarische woorden: ‘Dan gaat de oorlog nu beginnen!’.
Ik wist precies wat hij daarmee bedoelde. Als je al een goede training achter de rug hebt en vermoeide spieren hebt, dan begint de training eigenlijk pas. Dit is het moment om de grens te passeren en echt diep te gaan. Dus ondanks dat de eerste 60 kilometer veel van ons gevraagd had kenmerkte de laatste 15 kilometer zich door verschillende demarrages en sprintjes. De ene keer naar de top van een duin, de andere keer naar het naambordje van de volgende plaats. Of natuurlijk gewoon elkaar proberen eraf te rijden. De oorlog was in volle hevigheid losgebarsten. Langs de N444, van Voorhout naar de A44, keek ik Rogier aan, en ging op de pedalen staan. Ik reed bij hem weg, achter me hoorde gezucht en gehoest. Eenmaal weer bij me zag ik dat hij het aardig gehad had, dus ging ik nog maar een keer. Geloof me, het deed mij waarschijnlijk meer pijn dan hem
Na nog een lange sprint van ruim een kilometer parallel aan de A44 en de laatste krachtsinspanning naar het bord van Sassenheim kwam een onuitgesproken staakt het vuren tot stand. Het was genoeg geweest. En zoals altijd zijn er in een oorlog geen winnaars en slechts verliezers. Uitgeput stonden we bij mij voor de deur uit te hijgen. Wat normaalgesproken een geanimeerd afscheidsgeprek was, was nu teruggebracht tot elkaar en de grond aanstaren. Tijd om naar huis te gaan en te genieten van welverdiende rust. Tot de volgende oorlog.

Rondje om Leiden
Wie niet sterk is
Rogier kan beter sprinten als ik, dat is een ding dat zeker is. Hij heeft meer explosiviteit en meer kracht in de benen. Ik win wel eens een sprintje van hem, maar dan laat hij mij volgens mij gewoon winnen. Maar vandaag dacht ik hem toch te gaan verslaan.
Er stond een rondje Bloemendaal op het programma. Bloemendaal, omdat je daar nog een heel klein beetje klimmers gevoel krijgt. Na een paar maal over het kopje te zijn gereden en even een pauze genomen te hebben zijn we via de duinen weer naar huis gefietst. En in de duinen bevindt zich de overgang van Noord naar Zuid-Holland, gemarkeerd met een provincie bord. Mijn doel was daar als eerste te passeren.
Om als eerste in Zuid Holland aan te komen heb ik wel een list nodig. Want in een gelijke sprint ga ik het niet winnen. Mijn list: ik doe alsof ik helemaal niet geintereseerd ben in een sprint. Ik fiets gewoon richting de grens, zonder aanleiding te geven te willen sprinten. Rogier fietst naast me en we kletsen ondertussen wat. Ik zie dat hij met zijn handen bovenop het stuur zit. Een voordeel, want dan kan hij niet direct schakelen. De grens komt in zicht nadat we over een duin heen rijden. Rustig, nog even wachten, het juiste moment kiezen.
Op zo’n 200m voor de grens stel ik Rogier een vraag, hij kijkt naar zijn fietscomputer. Ik schakel naar het buitenblad, kom uit het zadel en “ga aan”! Rake klappen op de pedalen, door, door, door. Harder, harder, blijven duwen en hopen dat ik hem voldoende verrast hem.
Helaas heeft dit verhaal voor mij geen heroisch einde. Vlak voor de grensovergang komt Rogier mij voorbij waardoor ik genoegen moet nemen met de tweede plaats. Maar we hebben er beide hartelijk om gelachen achteraf. Verrast was Rogier zeker, maar zoals gezegd heeft hij voldoende kracht om zelfs dat te overwinnen. Maar de volgende keer.
En hoe ziet zo’n sprint er uit?

Sprint naar Zuid Holland
Je ziet een piekvermogen van bijna 550 watt en een gemiddelde van 416 over 160 meter. Mijn hartslag was met 180 al hoog en loopt zelfs nog op tot 187.


